Noord-Holland wil gevolgen 500 meterregel voor geitenhouderijen in beeld brengen
Het kabinet wil een landelijke afstandsnorm van 500 meter tussen geitenhouderijen en woonkernen, scholen, kinderdagverblijven en zorginstellingen, in beide richtingen. De norm is gebaseerd op ruim tien jaar onderzoek naar longontsteking bij omwonenden, sinds de Q-koortsepidemie van 2007-2010. Het besluit viel op 10 juli 2026; de regel zelf gaat pas over 2,5 tot 3 jaar gelden.
Gecontroleerd op
Het kabinet wil een landelijke afstandsnorm van 500 meter voor geitenhouderijen. Nieuwe geitenhouderijen mogen straks niet binnen 500 meter van woonkernen, scholen, kinderdagverblijven en zorginstellingen komen. De norm werkt ook andersom: nieuwe woningen en andere gevoelige bestemmingen mogen niet binnen 500 meter van een bestaande geitenhouderij worden gebouwd.
Bestaande bedrijven binnen de afstandsnorm mogen voorlopig niet uitbreiden. Alleen als er later effectieve en handhaafbare emissiebeperkende technieken beschikbaar komen, kan uitbreiding alsnog mogelijk worden. Al goedgekeurde projecten mogen doorgaan.
Nog niet. Het kabinet besloot op 10 juli 2026; de wettelijke procedures duren naar verwachting 2,5 tot 3 jaar. Tot die tijd vraagt het kabinet provincies hun huidige beperkingen te handhaven en gemeenten om in hun ruimtelijke plannen alvast op de norm vooruit te lopen.
De aanleiding is gezondheid. Uit onderzoek blijkt dat mensen die dicht bij een geitenhouderij wonen vaker longontsteking krijgen. Minister Hermans zegt hierover: "We zien uit onderzoek dat mensen die in de buurt wonen van een geitenhouderij een verhoogd risico op een longontsteking hebben."
De zorg over geitenhouderijen begon met de Q-koortsepidemie van 2007-2010, waarbij volgens de NOS duizenden mensen ziek werden en meer dan honderd overleden. Q-koorts is inmiddels bestreden, onder meer met een voorschrift dat geitenmest minstens 30 dagen luchtdoorlatend en afgedekt moet worden opgeslagen. Het latere onderzoek wees uit dat omwonenden ook zonder Q-koorts vaker longontsteking kregen.
In het onderzoeksprogramma Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO), dat loopt vanaf 2007, bleek dat het risico op longontsteking gemiddeld 73% hoger is bij omwonenden binnen 500 meter en 19% hoger binnen 1 kilometer. Volgens NOS gaat het om circa 841 getroffen mensen per jaar binnen 1 kilometer, vooral jonge kinderen, ouderen en kwetsbare groepen. Een RIVM-rapport uit 2025 noemt 23 bacteriën als mogelijke verklaring. De precieze veroorzaker is nog niet aangetoond.
In het eerste deeladvies (juli 2025) concludeerde de Gezondheidsraad dat het verband tussen wonen nabij geitenhouderijen en longontsteking waarschijnlijk oorzakelijk is. In het tweede deeladvies (eind 2025) stelde de raad dat het terugdringen van de blootstelling van omwonenden de meest aangewezen weg is, met uitstootreductie en minimale afstanden tot gevoelige bestemmingen.
De Gezondheidsraad stelt dat er ook gezondheidsrisico's zijn tot 1.000 meter. Het kabinet koos toch voor 500 meter. Volgens Gemeente.nu is die afstand een balans tussen bescherming van de volksgezondheid en de levensvatbaarheid van de sector; 1.000 meter zou onevenredige ruimtelijke gevolgen hebben.
In januari 2026 liet het kabinet nog open of het 500 of 1.000 meter zou worden en liet het aanvullend onderzoek doen naar het gebied tussen 500 en 1.000 meter. Volgens Nieuwe Oogst bleef het kabinet toen vooral inzetten op bronmaatregelen, dus op minder uitstoot bij de stal. Het besluit van 10 juli 2026 maakte hier een einde aan de onzekerheid.
BBB, SGP en JA21 twijfelden in januari aan besluiten op basis van onvoldoende aangetoond causaal bewijs. De sector (LTO-geitenhouderij) waarschuwde dat een 'tijdelijke' maatregel permanent kan worden.
Nederland heeft 338 melkgeitenbedrijven met minimaal vijftig dieren. Rond bestaande bedrijven liggen ongeveer 13.600 woningen binnen 500 meter en bijna 80.000 binnen 1.000 meter, vooral in Noord-Brabant en Gelderland. Het aantal geiten is sinds 2000 vervijfvoudigd tot bijna 600.000. Volgens de NOS kan ongeveer een derde van de geitenbedrijven door de norm niet meer uitbreiden.
Voor gemeenten betekent de norm dat woningbouw en andere gevoelige bestemmingen binnen 500 meter van een geitenhouderij straks zijn uitgesloten. Staatssecretaris Erkens noemt de norm een kans voor duidelijkheid voor agrarisch ondernemers, na jaren van onzekerheid.
Negen provincies hebben uit voorzorg een tijdelijke bouwstop (moratorium) ingesteld voor uitbreiding en nieuwvestiging van geitenhouderijen. Het kabinet vraagt hen die te handhaven. Gemeenten moeten in hun ruimtelijke plannen alvast rekening houden met de aangekondigde norm. De Omgevingswet geeft bevoegde gezagen ruimte om op grond van gezondheidsrisico's te besluiten.
Voordat de norm gaat gelden is een plan-milieueffectrapportage nodig, naast de gebruikelijke wetgevingsprocedure. Het kabinet rekent op 2,5 tot 3 jaar.
Wageningen University & Research onderzoekt maatregelen die de uitstoot van bacteriën, endotoxine en fijnstof beperken, zoals aangepaste stalsystemen, mestopslag, strooisel, weidegang en luchtreiniging. Voor gebieden met veel woningen dicht bij geitenbedrijven komt een gerichte aanpak, waaronder vrijwillige verplaatsing of uitstootbeperking zodra effectieve technieken bewezen zijn.
Resultaten van aanvullend epidemiologisch onderzoek naar gegevens uit 2023-2025 worden medio 2027 verwacht. De uitkomst van het onderzoek van Wageningen naar emissiebeperkende maatregelen bepaalt of bestaande bedrijven binnen de norm later toch mogen uitbreiden. De norm zelf moet nog door de wettelijke procedures heen.
Q-koortsepidemie begint, loopt tot 2010 [5]
Duizenden mensen worden ziek en meer dan honderd overlijden; de epidemie is de aanleiding voor het onderzoek naar geitenhouderij en gezondheid.
Onderzoeksprogramma Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO) gaat van start [3]
Het VGO-onderzoek naar gezondheidseffecten voor omwonenden van veehouderijen loopt in de jaren daarna door tot 2024.
Gezondheidsraad: verband geitenhouderij en longontsteking waarschijnlijk oorzakelijk [3]
Eerste deeladvies van de Gezondheidsraad.
Nieuw onderzoek: 73% hoger risico op longontsteking binnen 500 meter [2]
Een meerderheid van de Tweede Kamer vraagt een landelijke bouwstop; de Gezondheidsraad adviseert omwonenden te beschermen tegen uitstoot.
Kabinet kondigt bronmaatregelen en afstandsnorm van 500 of 1.000 meter aan [6]
Het kabinet kiest nog niet tussen 500 en 1.000 meter en laat aanvullend onderzoek doen; provincies worden gevraagd een moratorium in te stellen.
Kabinet kiest voor afstandsnorm van 500 meter [1]
Nieuwe geitenhouderijen en gevoelige bestemmingen mogen niet binnen 500 meter van elkaar; bestaande bedrijven in de zone mogen voorlopig niet uitbreiden.
Verwacht: resultaten epidemiologisch onderzoek naar 2023-2025 [4]
Verwachte uitkomst medio 2027.
Nee. Het kabinet besloot op 10 juli 2026; de wettelijke procedures duren naar verwachting 2,5 tot 3 jaar. Tot die tijd gelden provinciale bouwstops en vragen het Rijk gemeenten om alvast rekening met de norm te houden.
[1]Nee, bestaande bedrijven mogen blijven. Ze mogen alleen voorlopig niet uitbreiden, tenzij later effectieve en handhaafbare emissiebeperkende technieken beschikbaar komen. Voor gebieden met veel woningen dichtbij is een gerichte aanpak voorzien, onder meer vrijwillige verplaatsing.
[4]Niet zeker. De Gezondheidsraad noemt het verband met longontsteking waarschijnlijk oorzakelijk, maar de precieze veroorzaker is niet aangetoond. Een RIVM-rapport uit 2025 noemt 23 bacteriën als mogelijke verklaring; het gaat dus om een samenspel van factoren. Partijen als BBB, SGP en JA21 en de sector wijzen op dit gebrek aan causaal bewijs.
[3] [6]Het kabinet ziet 500 meter als balans tussen gezondheidsbescherming en levensvatbaarheid van de sector. De Gezondheidsraad wijst op risico's tot 1.000 meter, maar die afstand zou onevenredige ruimtelijke gevolgen hebben (bijna 80.000 woningen binnen 1.000 meter, tegenover circa 13.600 binnen 500 meter).
[4] [5]